030 25 23 929       Stadsplateau 5, Utrecht
Normerende Regeling Werkgebonden Personenmobiliteit

Normerende Regeling Werkgebonden Personenmobiliteit: Nadeel of voordeel?

De lange kabinetsformatie heeft geleid tot een uitstel van de beoogde invoering van de Normerende Regeling Werkgebonden Personenmobiliteit, maar zeker niet tot afstel. In 2023 wordt de verplichte rittenadministratie voor zakelijk en woonwerk-verkeer hoogstwaarschijnlijk alsnog een feit en mogelijk vanaf 2026 komt er besloten of er ook een norm wordt gesteld op het woon-werkverkeer. Maar is dat wel zo nadelig als sommigen geloven?

Wat is de Normerende Regeling Werkgebonden Personenmobiliteit?

De beoogde normerende regeling verplicht werkgevers met meer dan 100 medewerkers om de CO2-uitstoot van zakelijke en woon-werkreizen inzichtelijk te maken.

Tot 2025 is alleen deze registratie voldoende. Maar daarna zal de regeling ook afdwingen dat de gemiddelde CO2-uitstoot per rit lager is dan een vastgestelde norm. Werkgevers die nog niet aan de norm voldoen, hebben tot 1 januari 2026 de tijd om acties te ondernemen die leiden tot minder zakelijke kilometers, meer gebruik van OV of fiets, of een grotere inzet van schonere voertuigen. Lukt dit niet, dan zal je als werkgever een boete moeten betalen.

Na deze eerste periode van 3 jaar, evalueert het ministerie in 2026 de behaalde CO2-reductie. Op basis van de uitkomsten van deze evaluatie kan voor de 2e periode van 4 jaar (2026 t/m 2029) de norm voor zakelijke mobiliteit worden aangepast en kan een norm voor woon-werkmobiliteit worden ingesteld.

Hierbij is het belangrijk te beseffen dat de wet nog in de Tweede Kamer behandeld moet worden. De inhoud kan dus nog wijzigen.

Infographic CO2 reductie Werkgebonden Personenmobiliteit
Klik de infographic voor de PDF versie.

Hoe kan die registratie plaatsvinden?

Registratie doe je door van alle zakelijke ritten minimaal twee dingen vast te leggen: 1) de afgelegde afstand en 2) het type vervoersmiddel. Hiermee kun je vervolgens eenvoudig de CO2-uitstoot berekenen. Er bestaan ondertussen allerlei systemen die (grotendeels automatisch) reizen registreren. Hiermee is het mogelijk verschillende typen reizen en dus vervoersmiddelen te registreren. De ene dag met de auto en de andere dag met de trein. Door vervolgens de CO2 uitstoot aan een type vervoersmiddel te verbinden is niet alleen de afstand van de reis, maar ook de duurzaamheid ervan eenvoudig in kaart te brengen. Maar ook als je niet van een extern systeem gebruik maakt, kun je goed voldoen aan de eisen die de normerende regeling stelt. Het belangrijkste is dat je bij alle ritten die gemaakt worden vast laat leggen wat de afstand en wat het gebruikte vervoermiddel is. Dit kan bijvoorbeeld ook na wat aanpassingen in je huidige SAP systeem of bijv. AFAS pakket.

En dit brengt mogelijkheden met zich mee. Voor werkgevers én werknemers. Het wordt voor werkgevers laagdrempelig om mee te gaan met de trend van ‘flexibel vergoeden’; hoe duurzamer de reis, hoe hoger de vergoeding. Een eenvoudige manier om duurzaam reisgedrag van werknemers stimuleren. En ook zij zullen blij zijn met de toegenomen flexibiliteit. Flexibel vergoeden betekent namelijk ook ‘flexibel reizen’. Vandaag de auto, morgen de bus en op een zonnige dag misschien de (elektrische) fiets. Elke dag kiezen welk vervoersmiddel het beste bij die dag past (ons bekende ABC-tje).

Kortom, de Normerende Regeling Werkgebonden Personenmobiliteit ondersteunt een duurzaam en flexibel mobiliteitsbeleid.

Waar we vaak beginnen met de WHY in ons werk (wat is de missie/visie/drijfveer van de organisatie en het beleid) en dan uitkomen op ritregistratie systemen, start het nu van de andere kant. Het eindresultaat is hetzelfde: een effectief mobiliteitsbeleid.

Meer lezen over flexibele mobiliteit?

De weg naar een flexibel mobiliteitsbeleid

Download deze inspiratiepaper

Jos Hollestelle

Meer weten of direct aan de slag?

Neem dan contact op met onze expert Jos Hostelle.