030 25 23 929       Stadsplateau 5, Utrecht
Fiscaliteiten elektrisch rijden

Fiscaliteiten Elektrisch Rijden – Factsheet

In deze factsheet ‘fiscaliteiten elektrisch rijden’ staan de belangrijkste fiscale regels rondom elektrisch rijden. Zowel voor auto als fiets. Wil je meer informatie neem dan contact op met Jos Hollestelle via jos.hollestelle@syndesmo.nl

Bijtelling

De bijtellingsregels voor elektrische auto’s zijn in het klimaatakkoord gewijzigd. De bijtelling van 4% wordt de komende jaren verhoogd naar 22% zoals ook geldt voor brandstofauto’s. Ook de de maximale cataloguswaarde waarvoor deze lage bijtelling geldt loopt stapsgewijs terug. In onderstaande tabel staat de bijtelling en maximale cataloguswaarde per jaar (voor het gedeelte boven dit bedrag betaal je dus 22% bijtelling).

Jaar 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026
Bijtelling 4% 8% 12% 16% 16% 16% 17% 22%
Max cataloguswaarde  €  50.000  €  45.000  €  40.000  €  40.000  €  40.000  €  40.000  €  40.000  nvt

Alle samenhangende kosten voor het gebruik van een auto van de zaak mag je als werkgever kosteloos vergoeden. Dit geldt ook voor het laden. De belangrijkste fiscaliteiten zijn hieronder opgesomd:

Vergoeden laadkosten

  • Alle laadkosten voor leaserijders mag je als werkgever volledig onbelast vergoeden. Zowel in het binnenland als buitenland;
  • Indien een leaserijder thuis laadt, kun je als werkgever de kosten voor het laden volledig vergoeden. Een medewerker dient dan een specificatie te overhandigen met het verbruik in KWh en het voor hem/haar geldende KW/h tarief. Dit gaat vaak automatisch via de leverancier van de laadpaal.
  • Voor medewerkers die geen leaseauto maar privé een elektrische auto hebben, mag je de laadkosten niet onbelast vergoeden. Deze hebben uitsluitend recht op een maximale onbelaste vergoeding van €0,19,- per km
    • Dit betekent dat je privé-rijders ook een marktconforme vergoeding moet vragen voor het laden op de kantoorlocatie.
  • De kosten voor de laadpaal thuis en aanleg van een laadpaal kan je als werkgever onbelast vergoeden aan je medewerker met een leaseauto (voor een niet leaserijder wordt dit gezien als loon in natura). Veel werkgevers kiezen ervoor om deze aanlegkosten onder te brengen in het leasebedrag van de medewerker. De laadpaal wordt normaal gesproken volledig afgeschreven in 4 jaar. Na de leaseperiode mag de laadpaal op het woonadres blijven en kan kosteloos eigendom worden van de medewerker.

 Vakantieauto

Een trend van de laatste jaren is dat medewerkers naast hun elektrische auto, ook de mogelijkheid krijgen om voor de vakantieperiode een vakantie-auto te gebruiken. Maar hoe zit dit fiscaal?

  • Je mag als werkgever tijdens de vakantieperiode de bijtelling berekenen over de ‘vakantie-auto’ en buiten de vakantieperiode de bijtelling berekenen over de originele auto. Let op; als je werknemer met de originele auto van de zaak minder dan 500 km privé rijdt (geen bijtelling) en hij met de vakantie-auto boven deze grens van 500 km komt, dan krijgt hij alsnog over het hele jaar een bijtelling.
  • Veel leasebedrijven hebben het volgende concept geïntroduceerd: in de leaseprijs wordt een extra bedrag opgenomen waardoor uw werknemer in de vakantie over een grotere auto kan beschikken. Als de werknemer deze vakantie-auto ophaalt, moet hij de papieren en sleutels van zijn ‘originele’ auto inleveren om zo dubbele bijtelling te voorkomen.
  • Je kunt je wel afvragen of een vakantieauto echt (financieel) interessant is. De medewerker betaalt normaalgesproken een opslag in zijn normleasebedrag. De calculerende medewerker is wellicht goedkoper uit door een Snappcar of andere auto zelf te huren. Dit biedt tevens meer flexibiliteit.

Private lease

Private lease is de laatste jaren sterk in opkomst; langzaam maar zeker komen er ook steeds meer elektrische auto’s beschikbaar.

  • Je kunt als werkgever je leasemaatschappij vragen om een korting te geven aan je medewerkers voor het leasen van een private leaseauto. Deze korting mag niet groter zijn dan 10% van het standaard tarief. Daarnaast moet de korting ook gelden voor andere collectieven.

Deelauto’s

Aan het gebruik van een (elektrische) deelauto zit een aantal fiscale haken en ogen (die goed oplosbaar zijn).

  • Om te voorkomen dat een medewerker een bijtelling krijgt voor het gebruik van de poolauto, moet je zorgdragen voor een sluitende kilometeradministratie.
  • Voor gebruik van de poolauto anders dan voor woon-werk en dienstreizen moet een medewerker een marktconform tarief betalen. Hiervoor heeft De Vereniging van Nederlandse Autoleasemaatschappijen (VNA) een regeling getroffen met de fiscus. Deze regeling is onder de noemer Brancheregeling Privégebruik Deelauto te vinden op de website van de belastingdienst.
  • Het gebruik van de deelauto moet door de werkgever aangetoond kunnen worden op zo’n manier dat inzichtelijk is in welke perioden de deelauto is gebruikt en hoeveel kilometers per rit zijn gereden. Dat kan bijvoorbeeld aan de hand van een ritregistratiesysteem dat voorzien is van een certificaat van de Stichting Keurmerk Ritregistratiesystemen.
  • Van de privé gereden kilometers dient een administratie bijgehouden te worden waaruit blijkt door welke werknemers in welke perioden de auto is gebruikt en dat aan deze werknemers een marktconform huurtarief in rekening gebracht is.
  • Als een deelauto alleen zakelijk gebruikt wordt, betaal je hier als werkgever geen BTW-fictie over (2,7% van de cataloguswaarde). Dit komt al snel neer op zo’n €800,- per auto per jaar. Als een werknemer de auto gebruikt voor woon-werk dan wordt dat vanuit BTW perspectief gezien als privégebruik. Dit is dus anders dan bij de bijtellingsregels.

 

(Elektrische) fietsen

Er zijn verschillende mogelijkheden om fietsen te stimuleren onder je medewerkers.

  • Belastingvrije vergoeding van €0,19 per kilometer
  • Netto vergoeding van de aanschafkosten van een fiets. Dit dien je als werkgever onder te brengen in de werkkostenregeling(WKR). Voorheen was er een ‘fietsplan’ met een maximum van €749,- eens per 3 jaar welke minimaal de helft van de werkdagen gebruikt moest worden. Dit is geheel komen te vervallen. De werkgever kan nu een passende regeling maken. Zo zijn er werkgevers die eens in de 5 jaar een fiets van €1.500 vergoeden, maar ook werkgevers die eens in de 3 jaar een fiets van €500 vergoeden. De invulling ligt geheel open voor de werkgever, mits dit in de vrije ruimte van de WKR past.
  • Als werkgever kun je een zogenaamde ‘groene lening’ verschaffen voor de aanschaf van een fiets. Een medewerker betaalt deze dan terug in maandelijkse termijnen. Hiervoor kan de km-vergoeding gebruikt worden. Deze groene lening heeft een nihilwaardering in de werkkostenregeling, waardoor je deze renteloos kunt maken zonder dat dit als loon in natura wordt beschouwd.
  • Op dit moment is het leasen van fietsen erg onduidelijk. Het ontbreekt namelijk aan een heldere bijtellingsregeling zoals voor de auto. Vanaf 1-1-2020 komt er een formele regeling waarbij fietsen een bijtelling krijgen van 7%. Hiermee wordt het aantrekkelijk om (elektrische) fietsen of high speed e-bikes ter beschikking te stellen aan medewerkers. Dit betekent dat een medewerker met een fiets van €2.000 een bruto bijtelling heeft van €140,- per jaar.
    • Leasebedrijven sorteren zich voor om vanaf 2020 naast leaseauto’s ook leasefietsen aan te bieden. Medewerkers kunnen dan bijvoorbeeld i.p.v. hun normleasebedrag vol te maken door een panoramadak te kiezen, een leasefiets kiezen.

Heb je na aanleiding van deze factsheet nog vragen over de fiscaliteiten elektrisch rijden? Of benieuwd hoe we je kunnen ondersteunen bij een mobiliteitsbeleid dat werkt? Neem dan contact op met jos.hollestelle@syndesmo.nl