030 25 23 929       Stadsplateau 5, Utrecht
ANWB

ANWB: ‘Een flexibel mobiliteitsbeleid, dat bij ons past’

Sinds de coronapandemie en het thuiswerken gaan steeds meer organisaties over op een flexibel mobiliteitsbeleid. Medewerkers kiezen dagelijks of en hoe ze reizen voor hun werk en krijgen de werkelijke kosten vergoed. De ANWB liep voorop: die begon in 2019 al met de voorbereiding van een flexibel mobiliteitsbeleid.

Het nieuwe beleid ontstond vanuit het hart van de organisatie, vertellen Simone Eeken en Jan Jaap Krijtenburg, tijdens het interview bij Syndesmo in Utrecht. Beide ANWB’ers zijn al vanaf het begin vanuit HR bij het nieuwe beleid betrokken. “De ANWB staat voor het ‘triple zero’-beleid”, vertelt Jan Jaap Krijtenburg. “De ANWB streeft naar nul files, nul uitstoot en nul verkeersdoden. We realiseerden ons dat ons eigen mobiliteitsbeleid met vaste reiskostenvergoedingen daar niet bij past. Dat was niet flexibel en gericht op vervoer per auto. Daarom hebben we het ook over ‘practice what you preach’. We wilden een mobiliteitsbeleid dat triple-zero ondersteunt.”

Zeven organisaties, één mobiliteitsbeleid

Nou is één mobiliteitsbeleid voor ruim 4.000 medewerkers, die vallen onder zeven verschillende organisatieonderdelen met diverse cao’s, niet iets dat je zomaar verandert. Simone Eeken: “We zijn gestart met een inventarisatie: hoe ziet het mobiliteitsbeleid bij alle dochters van de ANWB eruit? Samen met Syndesmo hebben we alle verschillen in kaart gebracht en de directie mogelijke alternatieven toegelicht. Zij konden zich al snel vinden in ons voorstel om te streven naar één mobiliteitsbeleid, dat past bij de gehele ANWB. Als eerste vervolgstap hebben we een enquête gehouden onder de medewerkers. Wat vind je van het huidige mobiliteitsbeleid en wat zijn je wensen? Daar bleek uit dat mensen over het algemeen meer keuze en flexibiliteit willen en een faire vergoeding voor de gemaakte reizen.”

Jan Jaap vult zijn collega aan: “We hebben ook een postcodecheck laten uitvoeren door Syndesmo. Daar bleek uit dat het potentieel aan mensen die met de fiets naar het werk kan komen 40% is, terwijl in de praktijk slechts 7% echt de fiets pakt. Daar was dus nog een hoop te winnen.”

Brainstormgroepen

Al in een vroeg stadium werden de OR en de medewerkers betrokken. Simone: “Daar wordt het beleid beter van en je zorgt voor draagvlak. Daarom ook namen vertegenwoordigers van alle onderdelen van de ANWB deel in de projectgroep. Belangrijk waren de drie brainstormsessies die we organiseerden met de projectgroep.  In die drie sessies werden achtereenvolgens de doelen geconcretiseerd, een hele serie maatregelen bedacht – de echte brainstorm – en vervolgens vastgesteld welke daarvan uitvoerbaar en zinvol zijn.”

Jan Jaap: “Daar kwamen we op een gegeven moment ook tot de vervoersladder. Daarin rangschikken we vervoersmethoden naar de bijdrage die ze leveren aan de ANWB-visie. De vervoersmethode die de grootste bijdrage levert, scoort het beste. In dat theoretisch model hadden we wel zeven stappen. Om het uitvoerbaar en begrijpelijk te houden werden dat er uiteindelijk vier, met flankerend subsidiebeleid. Dat was echt een beslissend moment in het proces. Nu hadden we een duidelijke rangschikking.”

Simone vult hem aan: “Zo kwamen we tot een nieuw vergoedingenmodel dat, in combinatie met leningen en subsidies, stimuleert tot een duurzaam en flexibel mobiliteitsbeleid. De vergoedingen zijn getrapt opgebouwd: openbaar vervoer wordt volledig vergoed, voor autokilometers wordt 10 cent per kilometer vergoed, voor fietskilometers 15 cent. De voorheen bestaande drempel dat er minimaal 10 kilometer gereisd moet worden om voor een vergoeding in aanmerking te komen, is vervallen. Het bleek een uitnodiging om juist níet te gaan fietsen. De aanschaf van fietsen en elektrische auto’s wordt verder gestimuleerd met subsidiemogelijkheden. Voor de fiets is het ook nog mogelijk om een renteloze lening af te sluiten. De ANWB was ook een van de eersten die besloot een thuiswerkvergoeding toe te kennen. Jan Jaap: “Dat is alleen maar logisch. De schoonste reis is de rit die je niet maakt. Dan is het consequent om ook dat te belonen, in combinatie met faciliteiten voor een goede thuiswerkplek.”

Tijdens de voorbereiding is veel aandacht besteed aan het gebruiksvriendelijk maken van de systemen. “Medewerkers waren gewend aan een vaste vergoeding, daar had je geen omkijken naar”, legt Jan Jaap uit. “Nu registreren medewerkers al hun ritten in Reisbalans. Dat is een extra handeling die we dus zo makkelijk mogelijk wilden maken. Ondanks dat, blijft het wel extra moeite. Stimulerend is dan weer, dat je in Reisbalans meteen ziet hoe hoog je vergoeding is en wat je CO2-uitstoot is geweest.”

Communicatie en fietspromotie

Begin 2021 werd het nieuwe beleid ingevoerd. Eerst met een kopgroep, waarbij de ervaringen werden gebruikt om de communicatie aan te scherpen en zo de overgang naar het nieuwe systeem te optimaliseren. Daarna ging iedereen over naar de nieuwe manier van reizen. En nu? Simone: “We hebben samen met Syndesmo veel aandacht besteed aan communicatie, om de invoering vlot en positief te laten verlopen. Doordat het nieuwe beleid zo overduidelijk past bij de ANWB, is het goed uit te leggen, ook aan mensen die niet echt zitten te wachten op zo’n flexibel beleid. Het nieuwe beleid is ingevoerd in een periode waarin een aanzienlijk deel van de medewerkers weinig of niet reisden. Dat maakt dat de implementatie in fases gaat. Nu we weer met meer collega’s onderweg zijn, ervaren ook zij de mogelijkheden die er zijn om naar en van het werk te reizen. De komende jaren gaat het vooral om stimuleringsbeleid. Hoe krijgen we de mensen ook echt aan het fietsen en in het OV? Daarvoor werken we met campagnes en challenges, zoals Ommetje en Love to Ride.”

Terugkijkend op de samenwerking met Syndesmo zijn Jan Jaap Krijtenburg en Simone Eeken positief: “Syndesmo is in alle stappen van het proces echt als co-producer van het beleid opgetreden. Zij hebben vaker met het bijltje gehakt en hebben ontzettend veel kennis over veranderingsprocessen. Daarbij hielden we elkaar ook scherp. Het was een echte joint operation – en dat is het nog steeds, nu het beleid wordt uitgebouwd tot echte gedragsverandering.”

Veel belangstelling

“Voor de toekomst hoop ik dat het mobiliteitsbeleid van de ANWB zijn uitstraling zal hebben naar de arbeidsmarkt”, zegt Jan Jaap. “Dat we ons imago verbeteren en mensen graag bij de ANWB komen werken. Verder merk ik dat er heel veel externe belangstelling is voor ons beleid en hoe dat tot stand is gekomen. We hebben al heel wat grote bedrijven en organisaties gehad die precies willen weten hoe wij het aanpakken. Zo inspireren we andere organisaties tot een duurzamer beleid. En dat is natuurlijk schitterend, juíst op dit beleidsonderdeel dat de kern van ANWB raakt.”

Beleid van papier halen

Mirjam de Keizer en Ruud de Groot van Syndesmo waren en zijn als adviseurs betrokken bij ontwikkeling en invoering van het nieuwe mobiliteitsbeleid van de ANWB. “Je merkt dat bij de ANWB alles draait om mobiliteit; we ervaren een enorme intrinsieke motivatie”, stelt Mirjam. “Samen zijn we erin geslaagd om beleid van het papier te halen en in de praktijk te brengen. De vraag is natuurlijk, gaan mensen nu ook echt hun gedrag aanpassen? Dat is een kwestie van de langere termijn. Nu het beleid er staat, is er veel inzet om het met probeerpools en communicatie onder de aandacht te brengen. Want de directie kan mooi praten, maar je moet toch van je collega horen hoe fijn het is om ‘s morgens op de fiets te stappen, of hoe lekker het is om in de trein te werken.”